Sociale innovatie in vier highlights

Geplaatst op 19 mei 2026
Sociale innovatie in vier highlights

Hoe kan het anders?

Door Elleke van Gelder

Druk druk druk

In vrijwel elke organisatie klinkt dezelfde verzuchting: ‘We zijn druk, druk, druk’. De waan van de dag regeert. Agenda’s puilen uit, mailboxen stromen over, vergaderingen volgen elkaar in rap tempo op. In deze hectiek lijkt er nauwelijks ruimte voor verandering en voor vernieuwing. Toch is juist nu, in een tijd van razendsnelle veranderingen en complexe problemen, sociale innovatie onmisbaar.

Sociale innovatie = door verwondering en nieuwsgierigheid ruimte creëren voor anders kijken, anders denken en anders doen, om zo het creatieve, veerkrachtige en wendbare potentieel van mensen en organisaties verder te ontluiken en benutten.

Hoe kunnen organisaties ontsnappen aan de dagelijkse drukte en ruimte creëren voor anders kijken, denken en doen? In dit artikel, gebaseerd op ‘het grote verwonderboek voor managers – hoe sociale innovatie bijdraagt aan verandering en vernieuwing in jouw organisatie (2022) nemen we je mee langs de vier highlights van sociale innovatie: de basis, anders kijken, anders denken en anders doen.

Highlight 1: De basis

Een doorsnee dag

Stel je een doorsnee werkdag voor in een organisatie. Je dag begint met een mailbox vol urgente verzoeken, een collega belt omdat er een klacht is binnengekomen en ondertussen staat er een vergadering gepland over een project dat achterloopt. Je rent de rest van de dag van het ene overleg naar het andere. Je bent continu bezig om de boel op orde te krijgen en te houden. Aan het eind van de dag ga je uitgeput naar huis. Another day at the office.

In termen van sociale innovatie heet dit werken van -1 naar 0. Bij het werken van -1 naar 0 zorg je uit alle macht dat alles blijft draaien, los je problemen op, creëer je rust. Het is een reactieve manier van werken, gericht op het herstellen van de orde en het terugbrengen van de situatie naar een ‘acceptabel’ nulpunt. De kans dat met deze manier verandering en vernieuwing kan ontstaan, is met deze manier van werken zo goed als nihil.

Kan het ook anders?

Maar stel je nu een ander scenario voor. De dag is net zo druk, de mailbox net zo vol, de problemen net zo talrijk. Toch besluit je samen met een paar collega’s om even stil te staan. Niet omdat het rustig is, maar omdat je weet dat als je blijft doen wat je altijd deed, je steeds dezelfde resultaten krijgt. Tussen de bedrijven door stel je een andere vraag: ‘Wat zou er gebeuren als we het eens anders aanpakken?’.

In plaats van direct op elk acuut probleem te springen, neem je bewust momenten om met je team te reflecteren. Je kijkt naar wat er ook mogelijk is. Je vraagt: ‘Waarom doen we het eigenlijk op deze manier? Kan het ook anders? Wat als we het proces niet alleen repareren, maar echt vernieuwen?’ Misschien merk je dat een bepaald knelpunt steeds terugkomt, en besluit je samen te onderzoeken waar het écht wringt. Je durft een experiment te starten, ook al weet je niet zeker of het zal slagen. Je maakt ruimte voor nieuwsgierigheid, verwondering en creativiteit, juist midden in de hectiek.

Dit is werken van 0 naar 1: niet langer alleen reageren op wat misgaat, maar bewust tijd en aandacht reserveren voor vernieuwing. Je kiest ervoor om het patroon te doorbreken, om het potentieel van het team aan te boren en samen te bouwen aan iets nieuws. Het vraagt lef om deze stap te zetten, zeker als de druk hoog is. Maar juist dan ontstaat er ruimte voor echte verandering en groei.

Deze bewuste keuze om van 0 naar 1 te bewegen, zelfs als de druk hoog is, begint met een fundamentele verandering: de manier waarop we kijken naar de situatie en de mogelijkheden. En dat brengt ons bij de tweede highlight van sociale innovatie: anders kijken.

  • Another day at the office
  • Stel je eens een ander scenario voor
  • Werken van -1 naar 0: reactief en gericht op orde
  • Werken van 0 naar 1: proactief en gericht op vernieuwing
  • Veranderen en vernieuwen vragen om keuzes

Highlight 2: Anders kijken

Kijk eens naar het plaatje hierboven. Wat zie je? Sommigen zien direct een haas, anderen een eend. En als je eenmaal weet dat beide mogelijk zijn, kun je met een kleine mentale beweging van het ene naar het andere beeld schakelen. Deze beroemde tekening, afkomstig uit het begin van de vorige eeuw, is niet zomaar een optische illusie; het is een krachtige metafoor voor hoe perspectief werkt in organisaties. We denken vaak dat we de werkelijkheid zien, maar in feite zien we onze werkelijkheid. Een werkelijkheid die gevormd wordt door emoties, aandacht, ervaringen en context. Ben je gestrest of moe, dan zie je vooral obstakels en heel veel beren op de weg. Ben je hoopvol of nieuwsgierig, dan zie je juist kansen. Eenzelfde vraagstuk kan, afhankelijk van je bril, een probleem lijken of een uitnodiging tot vernieuwing.

De haas-eend illustratie maakt op eenvoudige wijze duidelijk dat we in precies hetzelfde iets heel anders kunnen waarnemen. Dat vraagt om bewustzijn: welke bril heb ik nu op? Kijk ik vanuit angst en controle, of vanuit nieuwsgierigheid en potentieel? Pas als je je perspectief durft te bevragen en actief te wisselen, ontstaat er ruimte om anders te kijken.

In organisaties zijn we ons vaak niet bewust van het perspectief waarmee we naar de wereld, naar problemen en naar elkaar kijken. Onze kijk wordt bepaald door onderliggende aannames, gewoonten en kaders die we zelden expliciet maken. Anders kijken begint daarom met de bereidheid om je eigen perspectieven te onderzoeken en je blik te verruimen. Het is een uitnodiging om niet alleen te reageren op wat je altijd zag, maar om actief te zoeken naar nieuwe invalshoeken. Zo ontstaat ruimte voor innovatie. Niet door de wereld te veranderen, maar door anders te leren kijken naar wat er al is.

“We zien de dingen niet zoals ze zijn, we zien ze zoals wij zijn.”
Anaïs Nin

  • Wat zie jij?
  • Een optische illusie als krachtige metafoor
  • Heel veel beren op de weg
  • Is het een probleem of een uitnodiging?
  • Pas als je je perspectief durft te veranderen, ontstaat er ruimte.

Highlight 3: Anders denken

Naast ‘anders kijken’ is ‘anders denken’ een onmisbare pijler van sociale innovatie. Anders denken gaat over de manier waarop je met vraagstukken en uitdagingen omgaat en welke ruimte je maakt voor nieuwe inzichten en oplossingen. Het vraagt om het ontwikkelen en combineren van twee denkvaardigheden: kritisch denken en creatief denken.

Kritisch denken: vragen, vragen en nog eens vragen.

Kritisch denken is het vermogen om bestaande aannames, routines en overtuigingen te bevragen. Het is de kunst om niet direct genoegen te nemen met het eerste antwoord, maar door te vragen:

  • Waarom doen we dit zo?
  • Klopt het eigenlijk wel wat we altijd hebben aangenomen?
  • Welke belangen, patronen of blinde vlekken spelen hier een rol?

Kritisch denken vraagt om moed. Het betekent dat je het ongemak opzoekt, dat je durft te twijfelen en dat je ook de heilige huisjes niet spaart. Het vraagt om een onderzoekende houding, waarbij je niet alleen de feiten analyseert, maar ook de onderstroom en de onuitgesproken aannames blootlegt.

Creatief denken: nieuwe mogelijkheden ontdekken

Creatief denken in organisaties staat voor veel mensen gelijk aan leuke ideeën op commando bedenken. Maar creatief denken is veel meer dan dat. Het gaat over het vermogen om ruimte te maken voor wat nog niet bekend is. Om het combineren van elementen die op het eerste gezicht niets met elkaar te maken hebben en om het durven spelen met de grenzen van wat gebruikelijk is. Juist in het verbinden van het onverwachte ontstaat vaak een nieuwe ingang voor het vraagstuk waar je mee worstelt.

In het Future of Jobs Report (World Economic Forum, 2025) is creatief denken één van de belangrijkste vaardigheden die nodig zijn om om te gaan met complexiteit, (on)verwachte verandering en maatschappelijke transformatie. Creatief denken helpt om vragen te verkennen waarvoor nog geen antwoord bestaat. En dat is precies wat in deze tijd vaker nodig is dan ooit. Ook binnen de Inner Development Goals (IDG’s) wordt creativiteit gezien als een essentiële innerlijke vaardigheid om duurzame ontwikkeling mogelijk te maken. Het is geen extraatje, maar een voorwaarde om vooruit te kunnen.

De kracht van combineren

Waar kritisch denken vooral draait om het bevragen van het bestaande, gaat creatief denken over het spelen met grenzen en het toelaten van het niet-weten. Het is denken dat zich niet laat leiden door de drang naar directe oplossingen, maar dat nieuwe paden verkent door vragen te stellen die nog niet eerder zijn gesteld.

De echte kracht van anders denken zit in de combinatie van kritisch en creatief denken. Kritisch denken voorkomt dat je in oude valkuilen stapt of klakkeloos bestaande patronen volgt. Creatief denken zorgt ervoor dat je niet blijft hangen in analyse, maar daadwerkelijk nieuwe mogelijkheden verkent. Samen vormen ze een nieuwe beweging: ze maken het mogelijk om complexe vraagstukken te ontrafelen én om tot vernieuwende oplossingen te komen. Of, zoals Tim Hurson het mooi zegt:

“Think of the thinking process as a kayak with two peddles. One peddle represents creative thinking while the other peddle represents critical thinking. To make the kayak move forward you have to alternate between the two peddles or you will end up going in circles”

  • Volgens het World Economic Forum is creatief denken een van de belangrijkste vaardigheden voor de toekomst.
  • Vragen, vragen en nog meer vragen.
  • Kritisch denken voorkomt dat je in oude valkuilen stapt.
  • Creatief denken gaat om het spelen met grenzen.
  • De kracht van anders denken zit in de combinatie.

Highlight 4: Anders doen

Na anders kijken en anders denken volgt misschien wel de moeilijkste stap: anders doen. Weten dat iets anders kan, betekent nog niet dat je het ook daadwerkelijk anders durft of gaat aanpakken. Twee belangrijke aspecten spelen hierbij een rol: de comfortzone en de status quo.

De comfortzone: veilig, vertrouwd en begrensd

Siham werkt al jaren op de financiële administratie. Ze begint iedere dag met een vertrouwde routine: een kop koffie, een kort praatje met haar vaste collega’s, en dan aan de slag met haar werkzaamheden. Om 10 uur is er een kwartiertje koffiepauze, om 12 uur is het tijd voor de lunch en als het werk het toelaat, drinkt ze om 15 uur met haar collega’s een kopje thee. Op een dag vraagt Sihams leidinggevende of ze wil meewerken aan een tijdelijk project in een ander team. Ze schrikt. En valt stil. Haar leidinggevende kijkt haar vragend aan ‘Nou?’ Siham moet iets zeggen, dat snapt ze, maar hoe houdt ze dit af? ‘Uhm ik, uhm’, stamelt ze. ‘Ik ben veel te druk en wil me op dit moment focussen op mijn eigen werk. Misschien een andere keer’. ‘Jammer’, hoort ze, ‘het leek me echt iets voor jou. Als er nog zo’n kans komt, zal ik weer aan je denken’. Siham zucht diep. Ze is de dans ontsprongen. Voor nu tenminste.

De comfortzone is het gebied waarin alles bekend is: de routines, de afspraken, de manier waarop het werk wordt gedaan. In de comfortzone voel je je veilig en competent; je weet wat er van je verwacht wordt en hoe je moet handelen (Vygotsky, 1978). Maar deze veiligheid heeft een keerzijde: juist doordat alles zo vertrouwd is, is er weinig ruimte voor groei of vernieuwing. De comfortzone houdt je binnen de grenzen van het bekende en maakt het spannend om nieuwe dingen te proberen of bestaande patronen te doorbreken. Het ongemak dat hoort bij iets nieuws, vermijden we liever. Zo blijft het potentieel van mensen en teams vaak onbenut.

Naast de comfortzone heeft ook de status quo (bias) een belangrijke rol bij het tegenhouden van verandering en vernieuwing.

De status quo (bias): de kracht van het bestaande

Mark werkt 23 jaar bij dezelfde afdeling binnen de organisatie. Elke maandagochtend om 9 uur start de afdeling op met een overleg. Op de vaste agenda staat een rondje hoe ieders weekend was, een rondje wat iedereen deze week gaat doen en een rondje of er bijzonderheden zijn. Op een dag stelt een nieuwe collega voor om het overleg voortaan op woensdag te houden, zodat er meer ruimte is om actuele onderwerpen te bespreken. Ook over de vorm heeft hij wat nieuwe ideeën. Mark fronst zijn wenkbrauwen. ‘Dat is toch niet nodig? We doen het al jaren op maandag en dat werkt prima’, zegt hij. Ook door de andere collega’s het voorstel snel terzijde geschoven. ‘Nu even niet’, klinkt het. ‘We moeten eerst andere dingen afmaken’.

De status quo is de huidige situatie, de manier waarop dingen op dit moment geregeld zijn. Het is het patroon van afspraken, werkwijzen en gewoonten die in een organisatie of team bestaan. De status quo zorgt voor stabiliteit en voorspelbaarheid. Het biedt een houvast: mensen weten waar ze aan toe zijn, wat er van hen verwacht wordt en hoe ze moeten handelen.

De status quo bias: de onbewuste voorkeur voor het bekende

De status quo wordt vaak in één adem genoemd met de status quo bias. De status quo bias is een psychologisch mechanisme dat ervoor zorgt dat mensen automatisch de voorkeur geven aan de huidige situatie, ook als er betere alternatieven zijn. Het is een cognitieve bias: een onbewuste denkfout die ons beschermt tegen onzekerheid en risico’s. Verandering brengt immers altijd een mate van onvoorspelbaarheid en mogelijk verlies met zich mee (Samuelson & Zeckhauser, 1988).

Door deze bias rationaliseren we waarom het oude beter is en krijg je zinnen als: ‘Het heeft altijd zo gewerkt’ of ‘Dit is niet het juiste moment’, of ‘We weten wat we hebben, niet wat we krijgen’. In organisaties zie je deze krachten overal terug. Een team dat altijd begint met een standaardoverleg voelt zich ongemakkelijk bij een alternatieve start van de week. Een medewerker met een vernieuwend idee krijgt te horen dat het ‘nu niet uitkomt’ of dat ‘anderen er niet op zitten te wachten’. Zo blijven we in de comfortzone en verdedigen we de status quo, vaak zonder dat we het zelf doorhebben.

Anders doen vraagt om het bewust verlaten van de comfortzone en het doorbreken van de status quo bias. Het vraagt om het toelaten van ongemak, het erkennen van weerstand en het lef om dat pad te kiezen dat nog niemand eerder heeft gelopen. Pas dan ontstaat er ruimte voor echte vernieuwing.

  • Het ongemak dat hoort bij iets nieuws, vermijden we liever.
  • ‘We doen het al jaren zo en dat werkt prima’.
  • De comfortzone is het gebied waar alles bekend is.
  • De status quo (bias) speelt een belangrijke rol bij het tegenhouden van verandering en vernieuwing.
  • We verdedigen de status quo vaak zonder dat we het doorhebben.

Tot slot

In dit artikel hebben we de vier highlights ontdekt die horen bij sociale innovatie: de basis, anders kijken, anders denken en anders doen. Deze vier elementen vormen samen een krachtige benadering om vernieuwing mogelijk te maken, juist binnen de dagelijkse drukte waar veel organisaties mee te maken hebben.

Sociale innovatie begint niet met grote plannen of beleidsstukken, maar met eerste andere keuzes in houding en gedrag.

De uitnodiging ligt nu bij jou. Waar kun jij vandaag ruimte maken voor ‘anders’? Welke vraag durf jij te stellen die je tot nu toe nog niet hebt gesteld? Waar is een ander perspectief nodig? En waar kun jij uit de comfortzone stappen? Gewoon, om te ontdekken wat er mogelijk is.

Het kan anders. Jij kan anders. Jij kan anders kijken, anders denken én anders doen. Zet vandaag de eerste stap naar een nieuwe morgen.

Bio

Elleke van Gelder is expert in het vakgebied sociale innovatie. Na haar studie Orthopedagogiek werkte ze in de jeugdzorg en bij de Nationale Politie. Gedreven door de vraag: ‘Kan het ook anders?’ ontdekte ze haar passie voor sociale innovatie. In 2020 richtte ze ‘Bureau in cc’ op, waarmee ze organisaties op een kritische en creatieve manier begeleidt bij verandering en vernieuwing. Elleke is auteur van Het grote verwonderboek voor managers en Creatieve vuurkracht.

Literatuurlijst

Future of Jobs Report 2023 en 2025

https://www.weforum.org/publications/the-future-of-jobs-report-2025/

Gelder, E. (2022). Het grote verwonderboek voor managers. Hoe sociale innovatie bijdraagt aan verandering en vernieuwing in organisaties. Culemborg: Van Duuren Media.

Inner Development Goals.

https://innerdevelopmentgoals.org

Samuelson, W., & Zeckhauser, R. (1988). Status quo bias in decision making. Journal of Risk and Uncertainty, 1(1), 7-59.

Vygotsky, L. S. (1978). Mind in Society: The Development of Higher Psychological

Heeft u interessant nieuws of een bijzonder verhaal?

Laat het ons weten via nieuwsberichten@kijkoparnhem-nijmegen.nl of via onze handige nieuwsmodule.

Nieuws aanleveren

Zoeken naar: